Er zijn 24 olympische atletiekonderdelen. Deze worden onderverdeeld in looponderdelen, springonderdelen, werponderdelen en meerkampen. Bij de looponderdelen is er het onderscheid tussen de gewone looponderdelen, de hindernislopen, de estafettes en het snelwandelen.
Tegenwoordig is een atleet iemand die daadwerkelijk deelneemt aan atletiekwedstrijden.
Hardlopen, in Vlaanderen ook lopen genoemd, is een vorm van atletiek. Hier kunnen mensen recreatief dan wel in wedstrijdverband aan deelnemen.
Na een aanloop en de afzet moet de atleet allereerst op dezelfde voet als waarmee hij afgezet heeft landen (hinksprong). Hierna maakt de atleet een stap, waarmee hij juist op zijn andere voet terecht moet komen. Ten slotte maakt de atleet een sprong, de landing volgt in de zandbak.
De lengte van de sprong wordt gemeten vanaf de afzetbalk tot de eerste afdruk die de springer maakt in de zandbak, vanaf de afzetbalk gezien. Een wedstrijd bestaat uit drie pogingen. In internationale wedstrijden en kampioenschappen krijgen de beste acht atleten daarna nog drie finale-pogingen.
Grofweg worden bij dit stoten drie technieken gebruikt: Standstoot. De kogelstoter staat zijwaarts in de werprichting. Hij buigt enigszins of doet een kleine zijwaartse pas van de werpsector af, en stoot vervolgens in een strek- en draaibeweging.
De Pacifische zeilvis is ook het snelste waterdier, met snelheden geregistreerd tot 109 km/h.
Een koe is een vrouwelijk rund en als moederdier een belangrijke producent van melk. Een melkkoe geeft in een lactatieperiode tussen de 5 en 60 liter melk per dag, gemiddeld 25 liter melk per dag. Een koe wordt gemiddeld 315 dagen per jaar gemolken.
Juvenielen (jonge dieren) groeien sneller en vervellen vaker dan oudere dieren. Jongere exemplaren gaan vaak pas eten na de eerste vervelling. Ook de vervelling van volwassen slangen valt vaak samen met veranderingen in het gedrag, zoals het aanbreken van de voortplantingstijd of het afzetten van de eitjes.
Cobra's worden ondanks hun giftigheid door verschillende dieren gegeten. Belangrijke vijanden zijn mangoesten, zoals de Egyptische ichneumon en de Indische ichneumon. Deze dieren eten de slang niet maar doden het reptiel als ze er één tegenkomen.
Een dosis van 10 tot 15 milligram is voor een mens al dodelijk, zodat met het gif van een enkele beet tientallen mensen kunnen worden gedood. Van de zwarte mamba is bekend dat als de slang in het nauw wordt gedreven meerdere keren na elkaar kan worden gebeten, waarbij steeds gif wordt afgegeven.
De adder kan uitstekend zwemmen, waardoor meren en rivieren geen natuurlijke barrières vormen.
De ringslang is een gespierde, snelle slang die zich relatief snel kan verplaatsen op het land en een zeer goede zwemmer is en uitstekend kan duiken. Meestal zwemt de slang echter met de kop net boven water. De slang is dagactief en jaagt voornamelijk langs de oevers van het water op kikkers en salamanders.
Vrijwel alle waterslangen zijn onschuldige dieren die niet snel zullen bijten. Een aantal soorten echter staat bekend als agressief en de soorten uit het geslacht Rhabdophis zijn aan te merken als giftig, een beet kan voor de mens fatale gevolgen hebben.
De eieretende slang, ook wel Afrikaanse eierslang of Afrikaanse eieretende slang (Dasypeltis scabra) is een niet-giftige slang uit de familie toornslangachtigen (Colubridae) en de onderfamilie Colubrinae. Vlak na de maaltijd; het ei is goed zichtbaar.
Genetica. Het gen dat de groene of blauwe kleur van de eierschaal veroorzaakt is "Oöcyaan", afgekort O, bevindt zich op het eerste chromosoom en vererft autosomaal dominant. Het veroorzaakt door accumulatie van biliverdine een groene of blauwe kleur van de eierschaal.
Piepen. In principe maken ratten weinig geluid. Maar tijdens ruzies of spelen kan een rat piepen. Vaak is dit ook aanstellerij, ze willen dan laten merken dat ze iets niet leuk vinden, bijvoorbeeld wanneer je ze aanraakt als ze een snoepje aan het eten zijn.
Biologie
De soort is genoemd naar de uitzonderlijk grote neus van de volwassen mannetjes, die 17 cm lang kan worden en voor de mond hangt. De mannetjes zijn veel groter zijn dan de vrouwtjes, wegen gemiddeld ruim 20 kg en zijn van kruin tot staartaanzet 66-76 cm lang.
Op vakantie binnen en buiten de Europese Unie (EU) heeft uw kat of hond een dierenpaspoort nodig. Uw huisdier moet ook een chip hebben. U krijgt deze via uw dierenarts. Ook fretten moeten een dierenpaspoort en een chip hebben als u ze meeneemt op reis.
De ziekte is op zich vrij onschuldig en duurt meestal niet langer dan 1 of 2 dagen. De symptomen zijn echter onaangenaam; vaak heeft de patiënt een gevoel van verstikking, doordat de huig rechtstreeks in contact komt met de tong of met de achterste keelwand.
De huig, ook wel uvula genoemd, is in de menselijke mond de uitloper van het zachte gehemelte. Dit lichaamsdeeltje is gewoonlijk te zien als een aanhangsel in iemands wijd geopende mond.
Schindleria brevipinguis weegt tevens slechts één milligram en is daarmee één der lichtst wegende gewervelde soorten ter wereld. Schindleria brevipinguis heeft geen tanden, schubben en vinnen, maar wel relatief grote ogen.
Het totaal aantal verdrinkingen is sinds 1950 fors gedaald. In de jaren vijftig verdronken nog jaarlijks 400 tot 500 inwoners in Nederland. Vanaf begin jaren negentig schommelde dit aantal tussen de 70 en 115, met een gemiddelde van 87 inwoners van Nederland in de afgelopen twintig jaar.
De hersenen sterven namelijk reeds af wanneer de circulatie slechts enkele minuten stopt, maar bij lagere temperatuur kan dat veel langer duren (andere organen zijn minder in gevaar, ze kunnen een circulatiestilstand langer overleven). Hierdoor is het soms mogelijk verdrinking in zeer koud water te overleven.