De of het vrijhandelsakkoord? Welk lidwoord is juist?

Welk lidwoord (de of het) hoort bij het woord vrijhandelsakkoord? Is het de vrijhandelsakkoord of het vrijhandelsakkoord? Het juiste lidwoord dat je voor het woord vrijhandelsakkoord moet gebruiken is:
Het vrijhandelsakkoord
Aanwijzend voornaamwoord vrijhandelsakkoord
Dit of deze vrijhandelsakkoord: dit vrijhandelsakkoord
Dat of die vrijhandelsakkoord: dat vrijhandelsakkoord

Bezittelijk voornaamwoord vrijhandelsakkoord
Onze of ons vrijhandelsakkoord: ons vrijhandelsakkoord
Jouw of jou: jouw vrijhandelsakkoord

Elke of elk vrijhandelsakkoord?
Elk vrijhandelsakkoord
Gerelateerd aan vrijhandelsakkoord