De of het nordic walking? Welk lidwoord is juist?

Welk lidwoord (de of het) hoort bij het woord nordic walking? Is het de nordic walking of het nordic walking? Het juiste lidwoord dat je voor het woord nordic walking moet gebruiken is:
Het nordic walking
Aanwijzend voornaamwoord nordic walking
Dit of deze nordic walking: dit nordic walking
Dat of die nordic walking: dat nordic walking

Bezittelijk voornaamwoord nordic walking
Onze of ons nordic walking: ons nordic walking
Jouw of jou: jouw nordic walking

Elke of elk nordic walking?
Elk nordic walking
Gerelateerd aan nordic walking