De of het familiefeest? Welk lidwoord is juist?

Welk lidwoord (de of het) hoort bij het woord familiefeest? Is het de familiefeest of het familiefeest? Het juiste lidwoord dat je voor het woord familiefeest moet gebruiken is:
Het familiefeest
Aanwijzend voornaamwoord familiefeest
Dit of deze familiefeest: dit familiefeest
Dat of die familiefeest: dat familiefeest

Bezittelijk voornaamwoord familiefeest
Onze of ons familiefeest: ons familiefeest
Jouw of jou: jouw familiefeest

Elke of elk familiefeest?
Elk familiefeest
Gerelateerd aan familiefeest