De of het beroepsongeval? Welk lidwoord is juist?
Welk lidwoord (de of het) hoort bij het woord beroepsongeval? Is het de beroepsongeval of het beroepsongeval? Het juiste lidwoord dat je voor het woord beroepsongeval moet gebruiken is:
Aanwijzend voornaamwoord beroepsongeval
Dit of deze beroepsongeval:
dit beroepsongeval
Dat of die beroepsongeval:
dat beroepsongeval
Bezittelijk voornaamwoord beroepsongeval
Onze of ons beroepsongeval:
ons beroepsongeval
Jouw of jou:
jouw beroepsongeval
Elke of elk beroepsongeval?Elk beroepsongeval
Gerelateerd aan beroepsongeval